Handboek buurtbus Arriva
Handboek Buurtbus Arriva
Rivierenland- Achterhoek
December 2010
Het doel van een buurtbusproject is om het openbaar vervoer met name in de kleine kernen zo goed mogelijk te realiseren. Het welslagen van dit doel is in hoge mate afhankelijk van de medewerking, de samenwerking en de inzet van de vele vrijwilligers.
U zult begrijpen dat het verrichten van een goed openbaar vervoer geen vrijblijvende zaak is. Er zijn nogal wat regels, voorschriften en afspraken waar u zich aan zult moeten houden tijdens het verrichten van uw vrijwilligerswerk.
In dit handboek hebben we zoveel mogelijk van deze regels, voorschriften en afspraken beschreven. Het is dan ook de bedoeling dat u dit handboek leest en als vraagbaak tijdens
uw dienst gebruikt.
Arriva vind het belangrijk dat vrijwilligers goed geïnstrueerd de weg op gaan. Om die reden hebben de meeste van u al instructie gekregen op het nieuwe voertuig. Dit in combinatie met tips over het nieuwe rijden moet er toe leiden dat het brandstofverbruik zo laag mogelijk is en u en uw klanten de reis als zeer comfortabel zullen ervaren.
Extra aandacht willen we vragen voor het voorkomen van schades. Veel schades worden veroorzaakt door onoplettendheid. Met name bochten worden vaak iets te scherp genomen waardoor schade juist voor het achterwiel ontstaat. Alle eigen schades komen geheel voor rekening van Arriva. Behalve deze kosten is dit ook altijd vervelend voor u en uw collega’s. Deze moeten dan tijdelijk “hun” bus missen en met een vervangend voertuig rijden.
Graag willen wij u van harte gelukwensen met uw nieuwe bus en u bedanken voor uw inzet bij het welslagen van uw buurtbusproject. Wij wensen u vele prettige en veilige kilometers.
Arriva Personenvervoer Nederland
Uw nieuwe bus
Merk: Mercedes
Type: Sprinter
Hoog: 2.75 mtr
LET OP BIJ LUIFELS EN RECLAMEBORDEN
Lang: 6.00 mtr.
REKENING HOUDEN MET OVERSTEKEN
Breed: 2.50 mtr inclusief spiegels
DIT IS DUS NET ZO BREED ALS EEN VRACHTWAGEN
Wielbasis 3.70 mtr
ACHTERWIEL KOMT MEER BINNENDOOR IN BOCHTEN
De bus is voorzien van een centrale portiervergrendeling voor het linkerportier en de achterdeuren. Om veiligheidsredenen zijn de portieren altijd van binnen uit te openen. De noodvergrendeling van de rechter instapdeur moet u desgewenst apart afsluiten met de bijgevoegde sleutel.
De versnellingsbak heeft 5 versnellingen.
RIJ BIJ VOORKEUR ALLEEN MAAR IN STAND D.
Starten van de motor en de sleutel verwijderen na het afzetten van de motor kan alleen
maar met de versnellinghandel in stand P.
De versnelling inschakelen kan alleen maar bij ingetrapt rempedaal.
Alle elektronica in deze bus loopt via een centrale computer en alle stroomverbruikers
zijn geschakeld via het contact.
Mocht u toch met een lege accu komen te staan, moet u om schade te voorkomen aan de computer contact opnemen met de daarvoor binnen uw vereniging aangewezen personen.
De verbandtrommel en de gevarendriehoek zitten onder in het linker portier. De krik vind u onder de mat aan de rechterkant onder het dashboard. Het reservewiel hangt achter onder de bus en is los te schroeven aan de binnenzijde. In de handleiding van deze bus vind u op pagina 235 en verder wat er aan de hand is als er een waarschuwingslampje op het dashboard blijft branden.
Algemeen
1. Buurtbusproject.
Het slagen van het project is afhankelijk van de medewerking en de onderlinge samenwerking van de vrijwilligers/sters overeenkomstig de door hen gedane toezeggingen.
2. Machtiging
De onderneming machtigt de bestuurder de aan de onderneming in eigendom toebehorende buurtbus te besturen in het kader van het buurtbusproject, zulks met inachtneming van de bepalingen in dit handboek en/of de door het buurtbusbestuur te geven instructies.
3. Verzekering
De bestuurders van de buurtbussen vallen onder dezelfde verzekering als de chauffeurs die een arbeidsovereenkomst hebben met Arriva, dan wel die door Arriva worden ingehuurd. Dit betekent dat een bestuurder van een buurtbus niet aansprakelijk is voor schades, tenzij sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid van de zijde van de bestuurder. Arriva kan vrijwillige chauffeurs niet vrijwaren voor strafrechtelijke aansprakelijkheid. Wanneer een vrijwillige chauffeur bijvoorbeeld een dodelijk ongeval veroorzaakt is Arriva aansprakelijk voor alle schade, maar kan het zijn dat de chauffeur door het Openbaar Ministerie wordt opgeroepen om verantwoording af te leggen.
4. Beheer
Het bestuur van de vereniging en de bestuurders zorgen als een goed “huisvader”voor het voertuig. Het benodigd onderhoud en de jaarlijkse keuringen dienen op tijd bij het afgesproken onderhoudsbedrijf te worden uitgevoerd. De aanwijzingen en instructies in het instructieboekje worden nauwkeurig opgevolgd.
Storingen en klachten worden op ernst beoordeeld, en indien nodig aangeboden bij het onderhoudsbedrijf. Bij twijfel neemt de coördinator contact op met Arriva. Jaarlijkse keuringen worden ook centraal door Arriva bewaakt.
6. Besturing volgens rooster
In verband met de wettelijke bepalingen mag een bestuurder de buurtbus slechts besturen overeenkomstig zijn of haar indeling in het door het bestuur opgestelde rooster.
6. Persoonlijke papieren
De bestuurder heeft steeds bij zich zijn/haar geldig rijbewijs, geneeskundige verklaring en eventuele ontheffingen.
7. Wagenpapieren
De bestuurder dient zich bij aanvang dienst te overtuigen van het aanwezig zijn van de volgende bescheiden:
A: CV vergunning
B: Kentekenbewijs voertuig.
C: Schadeformulieren.
8. Dienstregeling / rooster / tarieven
De bestuurder dient zich bij aanvang dienst te overtuigen van het aanwezig zijn van
de volgende bescheiden:
A: Dienstregelingen
B: Dienstrooster.
C: Overzicht tarieven
9. Dienstregeling
De bestuurder voert zijn/haar ritten uit volgens de dienstregeling. Wanneer op een overstappunt een of meer aansluitende bussen of treinen niet aanwezig zijn, wacht hij/zij op aansluiting. De maximale wachttijd is afhankelijk van tijdstip en wordt bepaald door en onder verantwoordelijkheid van de bestuurder.
10. Route
De bestuurder rijdt tijdens zijn/haar dienst alleen over de in de dienstregeling aangegeven route. Indien door ongeplande werkzaamheden of calamiteiten deze route gestremd is kiest de bestuurder de meest logische – kortste – route. Hierbij dient hij rekening te houden met lengte en breedte van het voertuig.
Indien door geplande werkzaamheden de normale route niet gevolgd kan worden behoort de door Arriva of coördinator aangegeven omleidingroute gevolgd te worden.
11. Aantal personen en belading
Vervoer van meer dan 8 personen per buurtbus is NIET toegestaan. Ook het laden van personen en goederen met een totaalgewicht hoger dan in de wagendocumenten genoemd is niet toegestaan. Overtreding van deze bepalingen kan leiden tot een bekeuring voor zowel de onderneming als voor de bestuurder (zie tevens punt 13).
12. Veiligheidsgordels
De bestuurder is tijdens de dienstuitvoering met passagiers niet verplicht de veiligheidsgordel te dragen. Tijdens alle overige ritten die zonder passagiers worden uitgevoerd is het dragen van een autogordel verplicht. De passagiersbanken zijn voorzien van veiligheidsgordels. Het dragen van de gordels door passagiers is verplicht. De bestuurder dient op het dragen en de juiste werking van de gordels toe te zien.
13. Bekeuringen
Alle bekeuringen komen ten laste van Arriva met uitzondering van bekeuringen die men krijgt door bewust roekeloos gedrag en/of opzet van de bestuurder dan wel de vereniging.
Boetes vanwege snelheidsovertredingen zijn steeds voor rekening van de bestuurder. Arriva neemt alleen de boete voor snelheidsovertredingen van de laagste categorie (na correctie van de gemeten snelheid) voor haar rekening.
14. Plaatsbewijzen
Het bestuur verstrekt aan de bestuurder de benodigde plaatsbewijzen in consignatie. Met de door verkoop daarvan ontvangen gelden koopt de bestuurder weer nieuwe plaatsbewijzen. Bij tariefswijziging rekent de bestuurder de consignatie af. Arriva mag op ieder door haar gewenst moment, de consignatievoorraad van de bestuurder controleren. Dit zal zij niet doen anders dan na aankondiging daarvan bij de coördinator.
15. Gevonden voorwerpen
De bestuurder geeft de in de buurtbus gevonden/verloren voorwerpen af aan de coördinator.
16. Controle
De bestuurder controleert voor aanvang van de dienst de bus op beschadigingen en meldt deze aan de coördinator.
17. Tanken
Het bestuur wijst in overleg met Arriva een tankstation aan en bepaalt tevens de tijdstippen waarop de buurtbus getankt dient te worden.
18. Pech
Wanneer de buurtbus door een technisch mankement zodanig onklaar raakt dat verder rijden niet verantwoord is of gevaar op kan leveren voor inzittenden of andere weggebruikers zet de bestuurder de bus zodanig aan de kant dat deze geen gevaar op kan leveren. Hij roept hulp in via de telefoon en blijft bij de bus tot hulp aanwezig is. Passagiers dienen te allen tijde in veiligheid te worden gebracht.
19. Schade
Indien de bestuurder betrokken is bij een aanrijding dienen de volgende stappen te worden gevolgd, ongeacht of het uw schuld is of de schuld van een ander.
1. Blijf kalm en beleefd.
2. Meld schade direct bij uw coördinator.
3. Bij twijfel, waarschuw altijd de politie.
4. Bij Letsel? ALTIJD POLITIE OP LATEN ROEPEN. Onderteken GEEN
politierapportages, overleg met uw coördinator.
5. Erken NOOIT aansprakelijkheid.
6. Vul met de tegenpartij het schadeformulier juist in.
7. Vraag of er getuigen zijn. Ook een passagier kan een getuige zijn.
8. Aan het einde van uw dienst: Schadeformulier voor en achterzijde ingevuld
inleveren bij uw coördinator.
9. Als politie, tegenpartij of anderen aan u vragen waar u verzekerd bent:
– Arriva Nederland
– Afdeling Claims Management
– Postbus 626
– 8440 AP Heerenveen
20. Schademelding
De coördinator neemt bij letselschade direct contact op met Arriva. De coördinator controleert samen met de bestuurder of het schadeformulier correct en compleet is ingevuld. Extra aandacht daarbij, indien van toepassing, voor de ondertekening door beide partijen en de achterzijde van het Europees formulier.
De coördinator draagt er zorg voor dat alle bescheiden worden opgestuurd naar Arriva , Antwoordnummer 10533, 5200 WB ‘s-Hertogenbosch
21. Roken
Het is voor passagiers en bestuurder verboden om in de buurtbus te roken. Boetes die als gevolg van een overtreding door de bestuurder in dit kader worden opgelegd door de opdrachtgever aan Arriva zijn voor rekening van de bestuurder. Zie punt 13.
22. Alcohol, drugs en medicijnen
De bestuurder mag tijdens zijn diensttijd niet onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen die het rijgedrag beïnvloeden, verkeren.
23. Vervanging bestuurder
Indien Arriva van mening is dat een bestuurder niet langer gehandhaafd kan blijven als bestuurder, meldt zij dit onverwijld bij het bestuur van de vereniging. De vereniging draagt er zorg voor dat bestuurder niet meer wordt ingezet als bestuurder. Arriva zal niet op onredelijke gronden gebruik maken van deze bepaling.
24. Klachtafhandeling
Indien bij Arriva een klacht binnenkomt over de uitvoering van de dienstregeling of over het gedrag van een bestuurder, zal Arriva contact opnemen met de coördinator. Coördinator onderzoekt zo spoedig mogelijk de klacht en koppelt het resultaat daarvan terug aan Arriva, zodat Arriva voor spoedige afhandeling richting de passagier kan zorgdragen.
25 Overige zaken
Voor alle zaken waarin dit handboek niet voorziet, treden partijen in overleg om te trachten tot een oplossing te komen.





